Philipp van Ekeren 2 minute read
December 16, 2017

Meneer Grootbikker

Ik moet niet bang zijn

Ben net thuis gekomen van buitenspelen. Ik hang mijn jas op in de hal. De deur van de woonkamer staat half open. Mama is aan de telefoon. Ik hoor haar zeggen dat meneer Grootbikker zijn hoofd heeft verloren. Wat moet dat verschrikkelijk zijn! Kan dat dan bij mij ook gebeuren? Gisteren is zijn hond Oscar ook nog onder de oliewagen terecht gekomen. En nu is hij ook al zijn hoofd kwijtgeraakt! Meneer Grootbikker zonder hoofd vind ik maar heel eng. In de zomervakantie heb ik gezien dat oom Goyert de kop van een kip afgehakte. Daar had ik een nare droom van gekregen. Zou oom Goyert dat dan ook met onze buurman hebben gedaan?

We gaan eten. Sinds een paar weken kan ik, staand op het aardappelkistje, mijn eigen handen wassen. Papa zit al aan de tafel. Na mijn eetknuffel geeft hij mij ook nog een dikke knipoog. Mama komt binnen met de grote pan. Nog voor ze de deksel optilt ruik ik het al. Koolrabi met postelein en spek. Bah. Op mijn bord wordt een grote berg opgeschept. Daar word ik later groot en sterk van.

Mama en papa zijn vanavond stil aan tafel. Dat buurman zijn hoofd is kwijtgeraakt is natuurlijk heel erg. Dat weet ik best. Papa kijkt mama aan en zegt zachtjes dat meneer Grootbikker echt de weg kwijt is. Ja, stomme papa, hoe kan je nou de weg vinden zonder je hoofd denk ik. Die kip zonder kop rende ook de verkeerde kant op. Gelukkig hoef ik van mama niet alles op te eten. Dat maakt me een beetje blij. In mijn pyjama mag ik nog naar de fabeltjeskrant kijken. En daarna is het bedtijd. Mama stopt me in. Voordat ze de deur dicht doet zeg ik snel dat ik hoop dat meneer Grootbikker snel zijn hoofd zal terugvinden. Mama lacht naar me en zegt dat ik me maar geen zorgen moet maken.

Mama heeft altijd gelijk. Vandaag op weg naar school zie ik gelukkig meneer Grootbikker met hoofd zijn voordeur uitstappen. Ik ben erg blij en zwaai naar hem. Hij zwaait terug. Nu kan hij ook de weg naar zijn werk terugvinden!